22 bowlingbanen !!!


Bowling, ontstaan uit het aloude spel kegelen, is een sport waarbij de speler door middel van een bal moet trachten tien kegels (in de bowlingsport pins genoemd) omver te gooien.

Spelregels

                         De bowlingbaan bestaat uit gepolijst hout of kunststof, de baan is tussen de foul line en de eerste pin, ook wel headpin genoemd, 18,3 meter lang en is 1,05 meter breed. De 10 pins (38,1 cm hoog) worden op het einde van de baan in een driehoek opgesteld. In de bowlingbal zitten vingergaten voor een goede greep, hij heeft een doorsnede van 21,6 centimeter. Een bowlingbal kan verschillende gewichten hebben: in Europa ligt dat gewicht tussen 6 en 16 lbs (pond). In Amerika ligt dat tussen 6 en 18 lbs (pond).

Elke speler speelt 2 ballen na elkaar (een frame), uitgezonderd bij een strike, hierna worden alle pins teruggeplaatst. Elke omver geworpen pin levert 1 punt op. De hoogst mogelijke score voor een game is 300 punten. Een game bestaat uit 10 beurten.

Bowling wordt in Europa en Amerika veel beoefend als recreatie. Bowling is ook een sport. In Amerika bestaan er ook scholen om bowlingles te volgen.

Bowlingjargon

* Arrows: de pijltjes op de baan waarop gemikt kan worden.
* Dots: de rondjes op de approach waar je je beginpunt kunt bepalen.
* Pins: misschien beter bekend als kegels, de pins zijn afgebeeld op de afbeelding hiernaast.

* Frame: een serie van 2 worpen.
* Game: een serie van 10 frames.
* Spare: het omverwerpen van alle 10 pins in 2 worpen, in 1 frame.
* Strike: het omverwerpen van alle 10 pins in 1 worp.
* Approach: de aanloopzone.
* Foul line: de lijn tussen aanloopzone en bowlingbaan.
* Pocket: voor linkshandigen: kegel 1 en 2. Voor de rechtshandigen kegel 1 en 3.
* Backswing: de beweging die men maakt om de bowlingbal los te laten op de baan; de arm wordt naar achteren gebracht en dan terug naar voren.
* Indiaantje: twee pins achter elkaar.
* Split: wanneer twee pins ver van mekaar staan, moeilijk om te sparen. De moeilijkste is de 7 - 10 split.
* Goot: gedeelte naast de twee zijkanten van de bowlingbaan, deze is best te vermijden.
* Het "in komen" van de bal: Iedere bal heeft een bepaald hoekpunt dat ervoor zorgt dat de bal op het droog gedeelte van de baan begint te reageren. Hoe groter het hoekpunt hoe meer uw bal "in komt".
* 4 stappen aanloop: men doet slechts 4 stappen tot aan de foul line alvorens de bal los te laten, meerdere of mindere stappen zijn ook mogelijk.

voor meer, surf naar de Belgische Bowlingsport Federatie